Azië - 215 tot 205 miljoen jaar geleden ![]() Dit gebied was erg bebost en dus leefden er grote plantenetende Dinosauriërs, die op hun beurt weer voor vleeseters zorgden. ![]()
Klimaat Omdat deze landen toen ook al aan de kust lagen, was de grond vrij vruchtbaar. Vele bomen groeiden er en er waren uitgestrekte bossen. Er viel veel regen. Al dit was ideaal voor een paar Dinosauriërs om in te leven. |
Planteneters Isanosaurus ![]()
Isanosaurus was een van de eerste Sauropode- dinosauriërs. Ook was het een van de eerste Aziatische dinosauriërs. Isanosaurus had een lange nek en hij at de naalden van de boomtoppen. Vanwege zijn grootte had een volwassen dier geen vijanden, de jongen waren een ander verhaal. Die moesten vanaf hun geboorte al uitkijken voor roofdieren als Coelophysis. Isanosaurus stierf uit toen Coelophysia tot grotere roofdieren ontwikkelden, maar tegen die tijd hadden een aantal Isanosauria een generatie giganten voortgebracht: Barapasaurus. |
Vleeseters Coelophysis ![]()
Als er één Triassisch dier succesvol was, dan was het deze: Coelophysis, wat "holle staart" betekent. Omdat hij op verschillende plaatsen ter wereld gevonden werd, nemen wetenschappers aan dat deze soort over de hele wereld leefde. Overal waar hij leefde, gedijde hij goed. Hij was gebouwd om te overleven in dorre plaatsen. Meestal at Coelophysis een variatie aan kleine dieren, maar hij kon ook besluiten om op jacht te gaan naar grotere dieren zoals jongen van de grote planteneter Isanosaurus. Na het Trias had hij zich in verschillende, dodelijke vormen ontwikkeld. Coelophysis leefde in grote groepen, van soms meer dan vijftig dieren. Af en toe liepen er kleine groepjes weg om te gaan jagen. In de kolonies zaten jongen en volwassenen. Als er weinig te eten was voor een kolonie, aten ze soms de jongen van anderen op. Er is een fossiel gevonden van een volwassen dier met een jong in de buik. Dit bewijst dat Coelophysia kannibalen waren ten tijde van voedselnood. |
Andere Dieren Longisquama
Longisquama was een bizar dier. Het was een soort hagedis, maar hij had twee rijen stekels op zijn rug die hij kon bewegen als vleugels. Waarvoor deze werden gebruikt is niet duidelijk. Verder leek hij erg op een moderne hagedis, en hij had grijpklauwen, dus waarschijnlijk leefde hij in bomen. Rynchosauria
Paradapedon was een laag gebouwde planteneter. Hij at de lage begroeiing in de bossen en was één van de prooidieren van Coelophysis. Hij leek qua levenswijze op een varken. |









